Vakantieverhalen

‘Wij van de redaktie’ hebben de stilzwijgende afspraak dat we u, de lezer, niet lastig vallen met onze vakantieverhalen. We willen niet kleinburgerlijk doen en in ons beider verleden liggen de herinneringen aan (dia-) avondjes bij lieve, edoch slecht fotograferende en onsamenhangend vertellende familieleden en vrienden nog griezelig vers in het geheugen. Dat doe je iemand die je waardeert niet aan.

Maar ja, in de afgelopen week sierden al twee prachtige vakantieverhalen van de hoofdredacteur deze kolommen en ik betrapte mij gedurende de hele week in Italië op de meest wonderlijke associaties richting muziek.

Gek genoeg: als je geest zich ontspant en weer de ruimte krijgt gaat-ie links en rechts zijsprongetjes maken, tenminste, die van mij.

Ik ga u er een paar vertellen, er zit namelijk een hoop prachtige muziek achter.

we zaten op een terras in een overigens doodstil Italiaans dorp. Zo tegen het einde van de middag, als de ergste warmte wat geluwd is, komen de mensen naar het enige barretje en kopen er een espressootje, een ijsje, een zakkie chips, of pistachenootjes, een pilsje. Je denkt toch niet dat die Italianen van de andere kant van het dorp komen lopen? Welnee, die springen in een heet rugzakje (het oude Fiatje 500, nog zonder airco), of in een ander model auto dat de tand des tijds heeft doorstaan.

Zo stopte er recht voor mijn neus een opvolger van de lelijke eend, die niet half zoveel succes had als zijn twee-paardenkrachten voorganger: een Diana noemden ze dat ding destijds. In Nederland zijn ze al bijna uit het straatbeeld verdwenen, in Zuid-Italië rijden artistiekelingen er nog in rond.

De associatie? De Ouverture Donna Diana van Eduard Reznicek, ooit geschreven om aan een opera vooraf te gaan, maar nu nog slechts uitgevoerd als ‘stand-alone piece’. Mooie muziek. Ik kon slechts een krakende historische opname voor u vinden op YouTube.

in een boom naast het terras van ons hotel zat een ekster brutaal in mijn richting te schetteren. Er was nergens een ober te bekennen (het seizoen in de Abruzzen komt laat op gang en is kort…), dus riep ik in de richting van de schetterende in zwart-wit geklede vogel: ‘Ober, twee pilsjes!’. Hij vloog weg…

De associatie: La Gazza Ladra (die diefachtige ekster) van Gioacchino Rossini. Een slap verhaal, maar mooie muziek, vooral de ouverture.

we hadden een prachtige middag met Luca, wetenschapper die de wolven-excursie in Pretoro doet. En dat doet-ie grondig: alle aspecten kwamen aan de orde, ook de negatieve.

Ik had al fantasieën gehad over tussen een roedel wolven lopen en met ze te spelen. Dat moest toch kunnen, pianiste Hélène Grimaud was ooit in de gelegenheid tussen de wolven te lopen en met ze te knuffelen (niet proberen, levensgevaarlijk!) Ze schreef er een boek over (Wildernis Sonate. ‘Mijn leven tussen wolven en muziek’).

Behalve uitstekend pianiste is ze overigens knettergek, volgens mij. Luca zuchtte nauwelijks merkbaar bij mijn in houterig Italiaans uitgesproken verhaal over mijn gekke wens en legde uit dat er bij de observatie van dieren grofweg twee stromingen zijn: die van je onder de dieren begeven en ze ‘van binnenuit’ te beschrijven en die van op afstand blijven, ze in hun habitat te laten en ze zo bestuderen.

Daar in Pretoro deden ze het laatste, dat had u al begrepen. Ik was het met Luca eens. Voor knuffelen hou ik het maar bij onze gedomesticeerde honden, waarvan overigens de meeste rassen afstammen van een onderdanige tak wolven, waardoor de aaibaarheidsfactor aanmerkelijk groter is. Haal je een wolf in huis, dan zal hij je niks doen, maar zal je ook nooit gehoorzamen, laat staan enige affectie betonen. Aldus Luca.

Associatie dus: Hélène Grimaud en al haar piano-muziek. Ik denk niet dat ik haar boek ga lezen…

Er waren meer associaties, veel meer, maar die zijn niet uit te leggen, of worden bewaard tot een volgende keer.

Kiri te Kanawa

Dit weekend is het Festival Classique in Den Haag. Voor de tweede keer. Vorige keer was het geen onverdeeld succes, maar gelukkig hebben de organisatoren besloten het nog een jaar te proberen.

Ze snappen daar ook wel dat een klassiek festival even tijd heeft om te groeien en al helemaal als het in Den Haag gehouden wordt. Prachtige stad hoor, Den Haag. Ik kom er graag. Na Amsterdam is Den Haag een fijne, wat oudere dame die mooi ’opgedroogd’ is. Amsterdam heeft ook mijn hart, maar is ordinairder, bijna hoerig. Nee, doet u mij maar ‘de weduwe van Indië’

Maar ik dwaal af. Het Festival Klassiek dus. Het is afgelopen donderdag begonnen met het Edison Gala Klassiek. Weliswaar besloten, maar wel op tv. Stijve en elitaire bedoening altijd, maar wel met mooie muziek.

Of Kiri te Kanawa daarbij geweest is weet ik niet, maar ze zingt wel het slotconcert, op zondag de 15de. Het concert is haar afscheid aan Nederland, want ze gaat ermee ophouden, Kiri. Jammer hoor: prachtige vrouw en prachtige stem. Ik was wel eens een beetje jaloers: sommigen hebben het allemaal.

Als u kunt: ga vooral naar Den Haag. Het lijkt me geweldig en vooral als het weer een beetje meewerkt: pilsje, pardon, glaasje witte wijn (een pilsje bestel je in Amsterdam, waarop de ober je prompt vraagt: ‘kom je uit België?’, je kan dus beter om een biertje vragen en dan liefst met de Gooise brouw-‘r’), broodje gerookte zalm en dan strijkorkestjes, of blokfluitende kindertjes op iedere straathoek (brrrrrr…) en overal concerten voor niet al te veel geld (in ieder geval voor minder dan de enorme sommen die je tegenwoordig neer moet tellen om een klassiek concert of een opera te zien).

Hieronder een korte biografie van Dame Kiri te Kanawa en een linkje naar een van mijn lievelingsaria’s: Vissi d’Arte uit Tosca.

Weet u wat trouwens zo leuk (en verslavend) is aan You Tube: je kunt die lievelingsaria laten zingen door allerlei sopranen en dan thuis een beetje leuk jury’tje gaan zitten spelen: wie zingt hem nou het mooist en het lelijkst en waarom kwam Callas weg met gewoon valse noten en een wapperende stem, en moeten anderen ‘m juist spatzuiver zingen om ook maar een beetje waardering te scoren. Leuke discussie-stof!

Kiri Janette Te Kanawa werd geboren in Gisborne, Nieuw-Zeeland op 6 maart 1944. Ze heeft zowel Maori als Europees bloed. Als baby werd ze geadopteerd. Ze leerde opera zingen van Dame Sister Mary Leo, een bekende Nieuw-Zeelandse opera-coach.

Met het Nonnenkoor uit de opera Casanova van Johan Strauss behaalde ze haar eerste (en Nieuw-Zeelands eerste) gouden plaat. Ze begon haar carrière als mezzo-sopraan (ze zeggen wel eens dat mezzo-sopranen, sopranen zijn die te lui zijn om hoog te zingen), maar werd al snel een echte, prachtige lyrische eerste sopraan.

Ze studeerde verder aan het London Opera Centre bij James Robertson en werd al gauw een bekende verschijning op de opera-podia in de wereld.

Wereldberoemd werd ze toen ze zong op de bruiloft van Charles en Diana; jammer dat het niet heeft mogen baten…

Ze zong en zong en zong, tot 2004, toen besloot ze geen zware operarollen meer te zingen. Ze gaf nog wel concerten. Dat is ze nu ook aan het afbouwen en ze neemt van ons land afscheid op 15 juni dus.

Veel plezier bij het Festival Classique, of ‘erbij zijnd’ in Den Haag, of via radio en televisie.

Klassieke muziek en voetbal

‘Je moet proberen met je stukkies aan te sluiten bij de actualiteit’, zei de hoofdredacteur laatst tegen me, toen ik klaagde omdat ik niet meteen een onderwerp wist voor mijn volgende Vocalies, ‘dan kun je langer meeŒ. Begrijp me niet verkeerd hoor, ik heb nog waslijsten met onderwerpen liggen evenals waslijsten met anekdotes uit mijn bescheiden carrière als zangeres (in de eerste divisie gebeuren veel leukere dingen dan in de ere-divisie, geloof me). Maar ik ben van plan nog lang van mij te laten horen op deze website en waak dus soms te fel over mijn plank-items.

Maar ja, vind maar eens iets actueels over klassieke muziek als Europa zo’n beetje collectief mesjogge aan het worden is over het voetbal. Toch zijn er verbanden tussen klassieke muziek en voetbal:

– de scheidsrechter van de wedstrijd Nederland – Frankrijk was een Duitser, genaamd Herbert Fandel…. En wat doet die man in het dagelijks leven: hij is pianoleraar (Evert ten Napel vertelde nog tijdens de wedstrijd dat hij concertpianist was, maar dat is geloof ik een beetje overdreven). Veel meer informatie kan ik u niet geven: hij is uitgesproken muzikaal, volgens een Duitse website. Vader van 2 kinderen, zijn hoofdberoep is pianist; hij is directeur van een (zijn eigen?) muziekschool (ik dacht dat scheidsrechter zijn al roeping genoeg was…). Zijn grootste hobby, zo geeft hij aan, is zijn familie. Uitgesproken muzikaal, ik meende al iets in zijn manier van fluiten te horen dat Beethoven in zich had, of Mozart…, maar misschien was het wishful thinking.

– de wedstrijd Frankrijk-Nederland was de enige van wie ik beide volksliederen mee kon zingen. Alweer een linkje naar klassieke muziek. Waar het Wilhelmus vandaan komt hoort u te weten. De Marseillaise? Is gecomponeerd door Claude Joseph Rouget de Lisle in 1792. De originele naam is ‘Chant de guerre de l’Armee du Rhin’ (oorlogslied van het Rijnleger). En omdat de troepen uit Marseille tijdens de Franse Revolutie het lied zongen bij hun intocht in Parijs is het de Marseillaise gaan heten. In 1830 is de Marseillaise door Hector Berlioz opnieuw gearrangeerd.

Roberto Alagna (ik ben overigens niet zo weg van hem, maar hier zingt-ie gelukkig niet zo ‘week’ als anders) zingt onderstaande versie van de Marseillaise.

– wat te denken van de triomfmars uit Aïda van Giuseppe Verdi? Geen mens kent de tekst maar je moet ze horen brullen! Zelfs de plotselinge modulatie die Verdi erin componeerde lukt redelijk. Een dezer dagen is er trouwens in een van de grotere Nederlandse stadions een meebrul-concert van voetballiederen. Daar zal de triomfmars ongetwijfeld ook meegebruld worden.

Hier is een werkelijk prachtig ge-ensceneerde triomfmars, in zijn geheel. Dan weet u weer eens waar al dat moois dat in het stadion verstuikeld wordt tot meebrullen vandaan komt (wordt daar niet op het einde Pavarotti binnengereden?).

Eindelijk kan ik nog eens roepen dat klassieke muziek eigenlijk de gewoonste zaak van de wereld is. Hè, heerlijk, het EK kan niet meer stuk en niet alleen omdat ‘onze jongens’ zo voortvarend te werk gaan.

En volgende week, als het eind van al die gekte in zicht komt, kunnen we gewoon weer terug naar onze dooie componisten.