Huilbui?

Vandaag in 1866 werd Francesco Cilea geboren, tijdgenoot van Verdi, Puccini, niet zo’n hele grote als die twee, maar wel een die een van de mooiste tenoraria’s ooit geschreven heeft (valt het u op dat er heel veel aria’s zijn die ik ‘een van de mooiste aria’s ooit’ noem? Mooi, da’s de bedoeling, want er is zoveel moois!) De aria komt uit de opera L’Arlesiana en is getiteld ‘E’ la solita storia’. Het is het lamento van Federico en het is inderdaad een soort van gecultiveerde huilbui die, als je niet uitkijkt, larmoyant wordt; vals sentiment ligt op de loer. Oppassen geblazen dus voor tenoren. Op de eerste plaats zing je je erop kapot als je in het begin te veel geeft en als je er teveel emotie in stopt en op de tweede plaats gaat ook je publiek het niet leuk vinden als er valsigheid in voorkomt, beide soorten valsigheid dan: in de tonen en in de emotie. Publiek heeft daar een haarscherpe antenne voor, onderschat het nooit!
Maar o wee als de aria goed gezongen wordt, dan hou ik het niet droog.

Het verhaal van de opera kan ik in één zin vertellen, let op: Federico is verliefd op een meisje uit Arles (vandaar de titel van de opera), maar zijn familie wil dat hij trouwt met Vivetta, die al vanaf haar jeugd verliefd is op hem en dus erg teleurgesteld is als blijkt dat hij niet op haar is.

De aria wordt gezongen in de tweede acte, als Federico het niet meer houdt en zijn leed uitschreeuwt, pardon, zingt…

È la solita storia del pastore… \ Dit is het verhaal van de herder;
Il povero ragazzo voleva raccontarla \ de arme jongen wilde het vertellen
E s’addormì. \ en viel in slaap.
C’è nel sonno l’oblio. \ Er is vergetelheid in een droom.
Come l’invidio! \ Wat benijd ik hem daarom!
Anch’io vorrei dormir così, \ Ook ik zou ook wel zo willen slapen,
nel sonno almen l’oblio trovar! \ om alles te vergeten in een droom,
La pace sol cercando io vo’. \ De vrede zou ik willen vinden.
Vorrei poter tutto scordar! \ Kon ik maar alles vergeten,
Ma ogni sforzo è vano. \ maar iedere poging is vergeefs,
Davanti ho sempre \ want steeds zie ik voor mij
di lei il dolce sembiante. \ haar mooie gezicht.
La pace tolta è solo a me. \ De vrede wordt van mij weggenomen.
Perché degg’io tanto penar? \ Waarom moet ik zoveel lijden?
Lei! Sempre lei mi parla al cor! \ Altijd is zij het die in mijn hart spreekt!
Fatale vision, mi lascia! \ Vreselijk visioen, laat mij,
Mi fai tanto male! Ahimè! \ je doet mij zo vreselijk pijn!

Ik joetjoepte de aria van een paar grote: Domingo zong hem op latere leeftijd en het vibrato begint naar beneden door te slaan; naar Pavarotti kan ik niet luisteren; Kaufman is mij niet zo bekend, maar ik was aangenaam verrast door zijn baritonale timbre, al ligt daar wel vals sentiment op de loer… Het filmpje met Carreras liep steeds achter met het geluid. Hij nam het tempo ook wel erg langzaam, waardoor de onderstroom niet gaande bleef. Uiteraard was ik het meest gegrepen door Villazon, die beleeft het het meest intens zonder dat er vals sentiment langskomt. Kijk vooral of u het met me eens bent.

Bookmark the permalink.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *