Drie Verdi Opera’s

Als u dit leest ben ik er effe niet….. ik ben in Hamburg…. Maar liefst drie Verdi-opera’s staan er op het programma dit weekend. Vanavond (zaterdag de 16de) zitten we bij ‘I due Foscari’, gisteren hebben we als het allemaal klopt ‘La battaglia di Legnano’ gehad en morgen staat ‘I Lombardi’ op het programma. Maandag reizen we weer terug naar Nederland.

‘Verdi im Vizier’ heet dit serietje in Hamburg. Het gaat namelijk om de drie politieke opera’s van Giuseppe Verdi. Ook wel de Risorgimento-opera’s genoemd. Verdi schreef ze met in zijn achterhoofd de politiek van die tijd: Italië was druk bezig zich los te maken van de overheersers en dat ging niet zonder slag of stoot.

Ik kan me een schilderij herinneren dat op Sant‘Agatha hangt (Verdi’s landgoed, vlakbij Busseto) waarin hij met slaapmuts op en een geweer in de hand bij de grenzen van zijn landgoed staat: klaar om het te verdedigen als nodig. Ik moest er een beetje om grinniken: de beroemde componist die in nachthemd het land staat te verdedigen. Voor zover ik weet zijn er geen schoten gevallen die nacht.

Ik zal u niet vermoeien met lange verhandelingen over de politieke verhoudingen in Italië. Daar is het hier de plaats niet voor en dat kunnen anderen beter.

Maar dat deze drie opera’s invloed hebben gehad op de gebeurtenissen rond de eenwording van Italië staat als een paal boven water. Verdi’s naam werd op de muren gekalkt als zijnde de afkorting van Vittorio Emmanuele, Re D’Italia, Verdi zat in het parlement en kwam er zelfs opdagen, een tijdlang…. Kom daar in de tweede kamer eens om… en hij was – zie hierboven – bereid zijn land desnoods met geweld te verdedigen.

Het Slavenkoor uit Nabucco is lang méér het Volkslied van Italië geweest dan het ‘Inno di Mameli, (door republikein Goffredo Mameli gecomponeerd).

Affijn, laten we naar de plot van I Due Foscari gaan en er een mooie aria uit zoeken die we kunnen bespreken.

Het libretto van de opera is gebaseerd op een historisch toneelstuk ‘The Two Foscari’ van Lord Byron en de opera ging in première in het Teatro Argentina in Rome op 3 november 1844.
Het verhaal is tamelijk eenduidig, dat is wel eens anders bij opera’s van Verdi.

Het gaat over de doge van Venetië, Francesco en zijn zoon Jacopo.

De leden van de senaat en de Raad van Tien vergaderen in het paleis van de Doge. Jacopo, de zoon van de Doge, wordt beschuldigd van moord. Zijn vrouw Lucrezia pleit voor zijn onschuld, maar wordt niet geloofd en de senaat bekrachtigt het vonnis. De doge is diepbedroefd maar niet in staat in te grijpen.

Jacopo ontwaakt in de armen van Lucrezia in de gevangenis. Zijn vader komt in zijn officiële functie van Doge het vonnis aan zijn zoon mededelen, waarbij Loredano, zijn tegenstander, die de Raad van Tien tegen hem en zijn zoon heeft opgezet, triomfantelijk toekijkt.

In de raadskamer van het paleis wordt het vonnis nogmaals bevestigd door de Raad.

De oude doge treurt om zijn zoon. hij ontvangt een brief waarin de werkelijke moordenaar zijn daad bekent. maar het is al te laat. Het vonnis is voltrokken. Loredano en zijn medestanders halen de doge over zijn functie neer te leggen. Hij sterft aan een gebroken hart.

In het filmpje een werkelijk prachtige Leo Nuci, die hier een vermoeide, gebroken oude man neerzet. Door zijn fabelachtige techniek zingt Nuci nog steeds, terwijl hij toch al heel wat jaartjes telt….. hij is 71 !

De oude doge Francesco breekt hier. Zijn zoon is onschuldig ge-executeerd en hemzelf wacht slechts het graf. Kijk hoe tegenstrijdig beide energie-stromen zijn. Je moet een stevige partij zingen, maar in de rol sterf je aan een gebroken hart. Het publiek mag niet merken dat je al je energie aanwendt om hier goed doorheen te rollen. Mooi dat het slotapplaus er nog opstaat: het komt hem toe! Hij moest een beetje bijkomen, zag u dat? En ik moest een klein beetje lachen (een klein beetje maar) om die sokjes…

Bookmark the permalink.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *